menu menu

Veelgestelde vragen

Filter resultaten

Filter categorieën

Bloed geven (89) Coronavirus (26) Mag ik bloed of plasma geven (250) MijnSanquin (16) Over Sanquin (22) Over bloed (25) Over plasma (6) Plasma geven (66) Serum geven (19)
Zoek hier ook op trefwoord voor meer informatie over een onderwerp, medicijn of ziekte.
  • Wat zijn antistoffen?

    Als je besmet raakt met een virus of een andere ziektekiem, ziekteverwekker, bacterie of micro-organisme, maakt je afweersysteem een antistof aan om de ziekteverwekker onschadelijk te maken. Je wordt dan vaak ziek, maar je geneest meestal weer. Soms is de verwekker te sterk of te hardnekkig, of je afweersysteem schiet te kort.

    In sommige gevallen is ziekte te voorkomen door vaccinatie. Je afweersysteem wordt dan in aanraking gebracht met een verzwakte of gedode verwekker. Dan wordt je meestal niet ziek, terwijl je wel antistoffen aanmaakt. Als je vervolgens besmet raakt met de ziekteverwekker, word je vervolgens niet ziek aangezien je antistoffen al beschikbaar zijn.

    Het is ook mogelijk om een mens te beschermen en genezen met de antistoffen van een ander mens. 

  • Hoeveel bloedgroepen zijn er?

    Er zijn meer dan driehonderd verschillende bloedgroepen. Meestal gaat het bij de bloedbank om de bloedgroepen van het ABO-systeem en om het rhesus (D)-kenmerk of de rhesus-factor (+ of -). Er zijn op basis hiervan acht bloedgroepen, namelijk A+, A-, B+, B-, O+, O- AB+ en AB-

  • Hoe lang duurt bloed geven?

    Bij elkaar kost je bezoek aan de bloedbank ongeveer een uur. Dit is inclusief het invullen van de vragenlijst en de keuring. Het bloed geven zelf duurt ongeveer tien minuten. Sanquin heeft een ruime hoeveelheid locaties, verspreid door heel Nederland, dus er is er altijd wel één bij jou in de buurt.

  • Vanaf welke leeftijd kun je je aanmelden als bloeddonor?

    Je kunt je aanmelden als bloeddonor als je tussen de 18 en 65 jaar bent. Bloed geven is mogelijk tot en met 79 jaar.

    Donors die zestig jaar of ouder zijn worden jaarlijks gekeurd door de donorarts. Tijdens deze seniorkeuring wordt bepaald of de kans op ongewenste effecten van donatie niet te groot worden.

  • Wat houdt een bloedgroep eigenlijk in?

    Het woord bloedgroep betekent letterlijk dat een bepaald erytrocytenantigeen - een molecuul op de buitenkant van de rode bloedcel - slechts bij een bepaalde groep mensen voorkomt. Daardoor kunnen mensen na een transfusie met bloed van een ander individu antistoffen maken tegen bloedgroepantigenen die op het donorbloed aanwezig zijn, maar op het eigen bloed ontbreken. In het ergste geval reageren die antistoffen met de antigenen zodanig dat de rode cellen worden afgebroken (hemolyse), met alle gevolgen van dien voor de patiënt. Daarom moeten de rode bloedcellen van de donor en de ontvanger zo goed mogelijk bij elkaar passen.

  • Wat is een HLA-getypeerd bloeddonorschap?

    Van iedere donor wordt een aantal bloedgroepen bepaald. Meestal betreft het bloedgroepen van de rode bloedcellen, waaronder de ABO- en de rhesus (D)-bloedgroep, maar ook de witte bloedcellen (leukocyten) en de bloedplaatjes (trombocyten) bezitten bloedgroepen. Het meest bekende bloedgroepsysteem van witte bloedcellen, stamcellen en bloedplaatjes is het zogenaamde HLA-systeem.

    In Nederland zijn zo’n 30.000 bloeddonors - na vooraf verkregen toestemming - getypeerd voor deze kenmerken. Deze HLA-typeringen geven Sanquin de mogelijkheid speciale bloedproducten te vervaardigen zoals HLA-getypeerd trombocytenconcentraat en HLA-geselecteerde stamcellen ten behoeve van stamceltransplantatie. 

  • Welke bloedgroepen komen het meeste voor?

    Binnen de Nederlandse bevolking zien we vooral de bloedgroepen O (47%) en A (42%). De bloedgroepen die beduidend minder voorkomen zijn B (8%) en AB (3%). Daarnaast is 84% rhesus (D)-positief en 16% rhesus (D)-negatief. Veel donors en patiënten zijn dus A+ of O+, terwijl B- en AB- juist weinig voorkomen.

  • Wat gebeurt er als de bloedgroep van donor en patiënt verschillen?

    Als de bloedgroepen van donor en ontvanger niet passend zijn, reageren antistoffen tegen de bloedgroepantigenen en dit leidt tot hemolyse, oftewel afbraak van de rode cellen. Dit heeft ernstige gevolgen voor de patiënt.

  • Welke bloedgroepen passen bij elkaar?

    Voor het ABO-bloedgroepsysteem gelden de volgende principes:

    •Bloed van bloedgroep O kan aan iedereen worden toegediend. 
    •Bloedgroep A kan worden toegediend aan patiënten met A en AB. 
    •Bloedgroep B kan worden toegediend aan patiënten met B en AB. 
    •AB kan alleen worden toegediend aan mensen die zelf ook AB hebben. 

    Voor het rhesus-bloedgroepsysteem gelden de volgende principes:

    •RhD-negatief bloed kan aan iedereen worden toegediend.
    •RhD-positief bloed kan alleen worden toegediend aan mensen die zelf RhD-positief zijn.  

    Bovenstaande regels gelden voor bloed, niet voor bloedplasma. Als een patiënt door eerdere bloedtransfusies of een zwangerschap een antistof tegen een bepaalde bloedgroep heeft ontwikkeld, dan moet naast de bovengenoemde ABO- en rhesus-bloedgroepen ook met andere bloedgroepen rekening worden gehouden.

    Vrouwen

    Daarnaast zijn er voor vrouwen jonger dan 45 jaar extra voorwaarden bij de selectie van donorbloed. Naast de ABO- en RhD-bloedgroep wordt er dan ook gekeken naar de bloedgroepen Rhc, RhE (van het rhesus-systeem) en naar de bloedgroep K (van het Kell-systeem). Voor vrouwen met een kinderwens is het belangrijk dat zij door een bloedtransfusie niet worden gesensibiliseerd  door delen van het donorbloed, zoals bijvoorbeeld het K-antigeen van het Kell-systeem. Wanneer dit wel gebeurt, maken zij antistoffen aan die later problemen kunnen geven bij een nieuwe bloedtransfusie of bij een pasgeboren baby.

  • Kan ik direct naar huis als ik bloed heb gegeven?

    Ons advies is om na het geven van bloed nog even plaats te nemen aan de koffietafel en iets te eten of te drinken. Je kunt de afnamelocatie verlaten wanneer je je goed voelt.