menu
Menu
close

Rhesusfactor

Het rhesus bloedgroepensysteem wordt samen met het ABO-bloedgroepensysteem gebruikt om de kenmerken van bloed te onderscheiden.

Wat is een rhesusfactor? 

De rhesusfactor wordt gevormd door een verzameling van zogenoemde rhesus-eiwitten die voor kunnen komen op het membraan van de rode bloedcellen. Dit worden ook wel antigenen genoemd. Er zijn meer dan 40 typen rhesus-eiwitten bekend, maar de meest voorkomende is rhesus type D.

Een bepaalde rhesusfactor erf je van je ouders. Eén kopie van de rhesusfactor-genen van je moeder en één kopie van je vader bepalen dus welke rhesusfactor jij krijgt.

Ongeveer 85 procent van de mensen heeft de rhesusfactor en is rhesus (D)-positief. Bij ongeveer 15 procent van de mensen ontbreekt de rhesusfactor, je bent dan rhesus (D)-negatief. 

Rhesusfactor en zwangerschap

Als een rhesus (D)-negatieve zwangere vrouw een rhesus (D)-positief kind verwacht, kan deze rhesus (D)-factor van het kind aanleiding zijn tot het vormen van antistoffen door de moeder. Tijdens de zwangerschap, maar vooral tijdens de geboorte kunnen rode bloedcellen van het kind in de bloedbaan van de moeder terechtkomen. Omdat het lichaam van de moeder deze rhesus (D)-positieve rode bloedcellen als vreemd herkent, maakt het rhesus (D)-antistoffen aan. Dit gebeurt meestal pas na de bevalling. Daarom is de kans op problemen bij het eerste kind klein.

Tijdens een zwangerschap geeft de moeder via de placenta antistoffen aan haar ongeboren kind. Op die manier krijgt het kind de eerste afweer tegen allerlei ziekten via de moeder. Wanneer de moeder tijdens een vorige zwangerschap rhesus (D)-antistoffen heeft aangemaakt, blijven deze in haar bloed aanwezig en kunnen ze bij een volgende zwangerschap via de placenta in de bloedsomloop van het (ongeboren) kind komen. Hierdoor kunnen dan problemen ontstaan wanneer zij een rhesus (D)-positief kind verwacht. Deze antistoffen van de moeder breken de rode bloedcellen van het kind af en zo krijgt het bloedarmoede

Rhesusziekte

Wanneer de rode bloedcellen van het (ongeboren) kind afgebroken worden kan het ernstig ziek worden, soms zo ernstig dat zelfs een bloedtransfusie in de baarmoeder nodig is. Ook na de geboorte kan de baby ziek worden door de afbraakproducten van het bloed. De baby ziet dan erg geel. Dit noemen we rhesusziekte. Het is dan belangrijk om deze afbraakproducten uit het bloed te verwijderen. Dit kan door het kind te behandelen met UV-licht (eigenlijk een soort zonnebank). In ernstige gevallen moet al het bloed vervangen worden door middel van een zogenaamde wisseltransfusie.

Gelukkig kan rhesusziekte worden voorkomen. Hiervoor krijgen rhesus (D)-negatieve vrouwen tijdens de 30ste week van de zwangerschap en na de geboorte, als het kind rhesus (D)-positief blijkt te zijn, de rhesusprik. 

De rhesusprik

De rhesusprik wordt gemaakt uit menselijk plasma. Het plasma is afkomstig van vrijwillige, niet-betaalde, Nederlandse donors. De rhesusprik bevat antistoffen die de rhesus (D)-positieve rode bloedcellen van het kind, die mogelijk in de bloedbaan van de moeder zijn gekomen, opruimen. Hierdoor heeft het lichaam van de moeder geen tijd om de rode bloedcellen van haar kind als lichaamsvreemd te herkennen. Daarom maakt ze geen antistoffen aan en wordt de rhesusziekte voorkomen. Dankzij de huidige methoden om rhesusziekte te voorkomen en te behandelen is de ziekte nog maar zelden dodelijk voor het kind.

Rhesusfactor en bloedtransfusie

Wanneer iemand met rhesus (D)-negatief bloed een bloedtransfusie krijgt met rhesus (D)-positief bloed, maakt zijn immuunsysteem antistoffen aan omdat het lichaam niet gewend is aan de aanwezigheid van het D-antigeen. Hierdoor wordt het nieuwe bloed afgebroken en ontstaat een transfusiereactie. 
Iemand met rhesus (D)-positief bloed kan zonder problemen rhesus (D)-negatief bloed krijgen. Het immuunsysteem reageert immers niet op de afwezigheid van het D-antigeen.