Veelgestelde vragen

Zoek hier ook op trefwoord voor meer informatie over een onderwerp, medicijn of ziekte.
  • Ik ben flauwgevallen, hoe kan ik dit voorkomen?

    Bij ongeveer één op de duizend volbloeddonaties treedt een zogenaamde vasovagale reactie op die kan leiden tot een flauwte, een kortdurend bewustzijnsverlies door lage bloeddruk en een langzame pols. In liggende houding, liefst met de benen wat hoger, herstel je in de regel snel.

    Zo’n flauwte wordt deels veroorzaakt door het verlies van 500 ml bloed. Daarnaast is het een combinatie van vochtverlies, spanning en de prikkeling van de vaatwand door de naald die deze (reflex)reactie in gang zet. Het is vergelijkbaar met het snel van houding veranderen, van liggen naar staan. Om dit te voorkomen, kun je de volgende maatregelen treffen:

    - fit zijn als je bloed komt geven 
    - voor de donatie voldoende eten en drinken
    - tijdens en na de donatie extra water en zout nemen
    - (half)liggend bloed geven
    - voor afleiding zorgen
    - niet te snel opstaan na donatie
    - een spierspanningstechniek toepassen (van het onderlichaam)
    - na afloop minstens tien minuten aan de koffietafel iets blijven drinken.

  • Ik heb een blauwe plek gekregen na het prikken, is dat normaal?

    Dit komt niet vaak voor, maar het is niet altijd te voorkomen. Het wordt veroorzaakt door het onderhuids lopen van wat bloed uit de ader na het aanprikken of bij het verwijderen van de naald. Ook als er vervelend genoeg mis geprikt wordt of als de stuwband of manchet te strak zit, kan er een bloeduitstorting ontstaan. Je lichaam zorgt ervoor dat dit bloed wordt opgeruimd. Om dit zo veel mogelijk te voorkomen of te beperken, dient de donor het bloedvat na de afname op de prikplaats dicht te drukken tot het bloeden is gestopt. De donor krijgt hiervoor een drukverbandje. Het advies is dit twee uur te laten zitten en de arm te ontzien.

  • Klopt het dat er littekens ontstaan na het geven van bloed en is dat geen probleem als je later zelf een infuus nodig mocht hebben?

    Bij mensen die heel vaak doneren of al heel lang donor zijn, zien we soms dat er door het vele aanprikken littekenweefsel gevormd wordt in de huid in de elleboogplooi. Het verschilt per donor of en hoeveel dit gebeurt, want elke huid is nu eenmaal anders. Als het aanprikken lastiger wordt, zal de afname-assistente dit opmerken. Als je zelf merkt dat het lastiger gaat, bespreek het dan met de donorarts of de donorassistent(e). 


    Sommige mensen vragen zich af of dit kwaad kan als ze zelf ooit een transfusie of infuus nodig hebben. In het algemeen worden infusen op andere plaatsen aangelegd. Als je erg moeilijk te prikken bent, is het zinvol dit eens kritisch te bekijken met een donorassistent(e) of een donorarts.
     

  • Waarom wordt mijn bloed niet op cholesterol getest?

    Je cholesterolwaarde heeft geen invloed heeft op de kwaliteit en de veiligheid van het bloed. Met een verhoogde cholesterolwaarde mag je bloed geven, tenzij je een aandoening hebt aan je hart of bloedvaten. Een verhoogde cholesterolwaarde kan wel nadelig zijn voor je gezondheid. Informeer bij je huisarts als je vragen hebt over je cholesterol. Omdat je huisarts je meestal goed kent, kan hij inschatten of een cholesterolbepaling voor jou noodzakelijk is.

  • Bij mijn laatste donatie hoorde ik van de donorassistent(e) dat mijn Hb gedaald is. Hoe kan dat?

    Een daling van het Hb - het hemoglobinegehalte - kan verschillende oorzaken hebben. Een van de meest voorkomende oorzaken is ijzertekort. Dit kan ook ontstaan wanneer je te vaak bloed geeft. Bij het doneren van bloed sta je niet alleen rode cellen en plasma af, maar ook het ijzer dat zich daarin bevindt. Het ijzer dat je nodig hebt voor de opbouw van hemoglobine haal je uit je voeding. Wanneer het niet lukt om je Hb weer op te bouwen tot de hoeveelheid die je vóór het bloed geven had, is er sprake van een dalend Hb. 
     

  • Kan ik door het geven van bloed een ijzertekort krijgen?

    Ja, dat kan. Bij het doneren van bloed sta je niet alleen rode cellen en plasma af, maar ook het ijzer dat zich daarin bevindt. Het ijzer dat je nodig hebt voor de opbouw van hemoglobine haal je uit je voeding. Wanneer dit niet lukt, dan daalt je ijzervoorraad. Dit geldt overigens niet voor alle mensen; de ijzerstofwisseling is niet voor iedereen precies hetzelfde.

  • Kan je kanker krijgen of neemt de kans hierop toe wanneer je bloed krijgt van iemand die kanker heeft of heeft gehad?

    Kanker wordt voor zover nu bekend is niet via bloed overgedragen van mens op mens. Ook is het nog nooit aangetoond dat een transfusie met bloed van een kankerpatiënt de kans op kanker bij de ontvanger vergroot.

    Bij Sanquin mogen donors die kanker krijgen geen donor meer blijven. Ook mensen die kanker hebben gehad, kunnen geen donor worden bij ons. Deze beleidsregel is bedoeld ter bescherming van de gezondheid van de donor, omdat door het geven van bloed of plasma tijdelijk je weerstand vermindert. Dit is niet wenselijk voor mensen die ooit kanker hebben gehad.
     

  • Waarvoor wordt bloed gebruikt?

    We hebben vooral bloed nodig voor mensen die tijdens een zware operatie of een ongeval bloed hebben verloren. Er zijn ook ziektes en behandelingen, zoals leukemie en chemotherapie, die het bloed of het aanmaken van bloedcellen aantast. Ook in deze gevallen heeft een patiënt bloedproducten nodig.

  • Waar wordt mijn bloed op getest?

    Sanquin Bloedvoorziening stelt veiligheid voorop, zowel voor donors als patiënten. We testen al het gedoneerde bloed op de volgende overdraagbare infectieziekten: 

    -HIV
    -Hepatitis B
    -Hepatitis C
    -Syfilis
    -HTLV-I/II (alleen bij nieuwe donors)

    De verwekkers van deze vijf ziekten kunnen lang, soms levenslang, in het bloed aanwezig blijven. Wanneer een virus of bacterie in je bloed zit, ben je een drager van de ziekte. Hiervan merk je zelf soms helemaal niets, maar je bloed is wel besmet. Wanneer je besmet bent met één van deze vijf infectieziekten, dan lichten we je altijd in. 
     

  • Op welke termijn wordt er contact met mij opgenomen als mijn bloedtesten een infectie hebben aangetoond?

    Bij een afwijkende testuitslag kun je van ons binnen vier weken bericht verwachten. Als er bij de eerste screeningstesten een afwijkende uitslag wordt gevonden, dan is er mogelijk een infectie aanwezig, We doen dan aanvullend bloedonderzoek met andere testen die de uitslag kunnen bevestigen of juist ontkennen. Dit laatste onderzoek kost meer tijd. We lichten je pas in als die laatste uitslagen bekend zijn. Dat kan ongeveer vier weken duren, soms korter. Het ontvangen van een oproep voor een donatie betekent altijd dat de vorige testuitslagen goed waren. Geen bericht is goed bericht.

Sanquin.nl cookie-instellingen

Deze website maakt gebruik van cookies, onder andere om de website te analyseren en het gebruiksgemak te vergroten. Sanquin neemt de bescherming van jouw privacy zeer serieus. Daarom verzamelen we op onze site alleen anonieme gegevens, tenzij jij ons toestemming geeft om ook andere gegevens te verzamelen. Geef hieronder jouw persoonlijke voorkeuren aan.

Functioneel

Marketing

Advertentietracking