Nieuwsbericht

Prof. dr. Hans Zaaijer van Sanquin over het verspreidingsonderzoek naar corona

Het opbouwen van groepsimmuniteit is niet het middel om corona te lijf te gaan, maar is bijvangst. Toch is het antwoord op de vraag hoeveel van ons de infectie al doorgemaakt hebben, een belangrijke.

Bij de vraag hoe we uit de huidige anderhalvemetersamenleving kunnen raken, is het van belang om te weten hoe groot het risico van nieuwe grote uitbraken is. Tijdens de persconferentie eind maart zei Jaap van Dissel van het RIVM het onomwonden: “We hebben geen idee hoe het virus op dit moment verspreid is, maar we kunnen zeggen dat als 60% van de mensen het gehad heeft, we als samenleving goed genoeg bestand zijn. We hebben behoefte aan data.”

Bloed- en plasmadonaties testen

Hans Zaaijer: “Als hoogleraar in microbiologie en infectieziekten is deze tijd, naast zorgwekkend en intensief, ook interessant. Ik werk zowel bij het AMC als bij Sanquin. En het is mijn positie bij Sanquin die mij op het moment de mogelijkheid geeft om te helpen, met bijzondere data. Toen we Van Dissel hoorden over de onzekerheden en de groepsimmuniteit, concludeerden we dat Sanquin snel nuttig werk kan doen. Natuurlijk zijn donors geen steekproef uit de algemene bevolking, maar voor een virus dat via voorwerpen en door de lucht gaat, zegt kennis over hoeveel van onze donors inmiddels een corona-infectie hebben doorgemaakt heel wat. We hielden van Dissel en het OMT dan ook op de hoogte van onze vorderingen. De gedachte achter het onderzoek is dat als iemand het virus gehad heeft, hij of zij daar antistoffen tegen gemaakt heeft. Die zijn ook na een besmetting nog enige tijd aantoonbaar in bloed. Bij Sanquin doneren wekelijks duizenden mensen tussen de 18 en de 79 jaar bloed of plasma ten behoeve van patiënten. Die mensen moeten gezond zijn, maar mogen in het verleden wel ziek zijn geweest. Ook kan een donor het virus misschien al gehad hebben zonder klachten. Door nu, en over een maand, het bloed van de donaties van één week uit het hele land te testen, leer je veel over de verspreiding van immuniteit in Nederland, en hoe die in de tijd opkomt."

“Toen we aan de slag wilden, was de eerste horde om voldoende en betrouwbare tests in te slaan. We moeten dezelfde test duizenden keren doen, en over een paar weken weer. Middenin een pandemie, is heel die wereld op zoek naar een goede test. Er zijn meerdere aanbieders, maar welke test is snel, betrouwbaar en betaalbaar? We hebben daar een goede kandidaat voor gevonden. Wat een opluchting toen we ze ook daadwerkelijk binnen hadden!”

Meten en nameten

“De eerste meting (T1) hebben we in de eerste week van april gedaan. Dat is bijna 2 maanden nadat de uitbraak in Nederland begon. Daarmee wisten we dat mensen die in het begin van de uitbraak ziek zijn geworden al voldoende waren opgeknapt om gezond en wel bloed te komen doneren. We konden los! Samen met een team van Sanquiners hebben we duizenden bloedmonsters deels handmatig getest. Dat deden we door een beetje serum te gebruiken uit de testbuisjes die altijd al per donatie verzameld worden. Serum is de vloeistof die over blijft als bloed stolt. Dat serum voegden we toe aan de test: verkleurt de test, dan worden er antistoffen gedetecteerd.”

“We zouden geen onderzoekers zijn als we die uitslag niet wilden controleren. Van de positief geteste donors hebben we ook bloed getest dat al eerder was gegeven: vlak vóór de corona-epidemie (T0). Die zouden dus allemaal negatief moeten testen. Zo niet, dan slaat de test blijkbaar ook aan bij andere dingen dan alleen corona. Die check was bemoedigend: het overgrote deel van de oude samples verkleurde niet. De test is betrouwbaar genoeg!”

Hier komen we wel bij een lastig punt: "De test is betrouwbaar genoeg als wetenschappelijke test, voor onderzoek bij een groep mensen, zoals bloeddonors. Maar, misschien niet betrouwbaar genoeg voor individuele diagnoses. Een artikel door Maarten Keulemans in de Volkskrant van 10 april legt goed uit hoe dat zit, en waarom een kleine afwijking ervoor kan zorgen dat veel mensen ten onrechte gaan denken dat ze het virus al gehad hebben. Daarmee zijn ze een groot risico voor mensen om hen heen met een kwetsbare gezondheid. Het is lastig, maar diagnoses stellen op basis van deze test is eenvoudigweg gevaarlijk. Het lijkt er op dat je op dit moment, met de test die wij gebruiken, bij 1 op 10 positieve donors onterecht zou zeggen dat hij of zij immuun is.”

De volgende stap is om in mei dit onderzoek te herhalen (T2). Dan kunnen we pas zien wat deze studie beoogt te meten: ‘hoe ontwikkelt zich de aanwezigheid van antistoffen tegen SARS-CoV-2, oftewel het coronavirus?’. Dankzij deze eerste grootschalige studie hebben we ten minste een indicatief percentage in handen. Het RIVM kan daarmee verder, onze studie aanvullen met eigen bevindingen, en dan het Kabinet adviseren over de volgende stappen.

En dat dankzij 7.000 donors die gewoon, ondanks corona, even bij de Bloedbank langskwamen om bloed te geven. Net als ze eerder deden, net als altijd. Maar dit keer gaven ze een beetje extra, namelijk heel belangrijke informatie.

 

Er wordt binnenkort een vragenlijstonderzoek over de gezondheid van donors tijdens de uitbraak van het coronavirus afgerond. Al meer dan 5000 donors hebben meegedaan. Hierover hoort u spoedig meer...