menu menu

Veelgestelde vragen

Filter resultaten

Filter categorieën

Bloed geven (87) Coronavirus (26) Mag ik bloed of plasma geven (249) MijnSanquin (16) Over Sanquin (22) Over bloed (25) Over plasma (6) Plasma geven (66) Serum geven (19)
Zoek hier ook op trefwoord voor meer informatie over een onderwerp, medicijn of ziekte.
  • Vanaf welke leeftijd kun je je aanmelden als bloeddonor?

    Je kunt je aanmelden als bloeddonor als je tussen de 18 en 65 jaar bent. Bloed geven is mogelijk tot en met 79 jaar.

    Donors die zestig jaar of ouder zijn worden jaarlijks gekeurd door de donorarts. Tijdens deze seniorkeuring wordt bepaald of de kans op ongewenste effecten van donatie niet te groot worden.

  • Wat houdt een bloedgroep eigenlijk in?

    Het woord bloedgroep betekent letterlijk dat een bepaald erytrocytenantigeen - een molecuul op de buitenkant van de rode bloedcel - slechts bij een bepaalde groep mensen voorkomt. Daardoor kunnen mensen na een transfusie met bloed van een ander individu antistoffen maken tegen bloedgroepantigenen die op het donorbloed aanwezig zijn, maar op het eigen bloed ontbreken. In het ergste geval reageren die antistoffen met de antigenen zodanig dat de rode cellen worden afgebroken (hemolyse), met alle gevolgen van dien voor de patiënt. Daarom moeten de rode bloedcellen van de donor en de ontvanger zo goed mogelijk bij elkaar passen.

  • Wat is een HLA-getypeerd bloeddonorschap?

    Van iedere donor wordt een aantal bloedgroepen bepaald. Meestal betreft het bloedgroepen van de rode bloedcellen, waaronder de ABO- en de rhesus (D)-bloedgroep, maar ook de witte bloedcellen (leukocyten) en de bloedplaatjes (trombocyten) bezitten bloedgroepen. Het meest bekende bloedgroepsysteem van witte bloedcellen, stamcellen en bloedplaatjes is het zogenaamde HLA-systeem.

    In Nederland zijn zo’n 30.000 bloeddonors - na vooraf verkregen toestemming - getypeerd voor deze kenmerken. Deze HLA-typeringen geven Sanquin de mogelijkheid speciale bloedproducten te vervaardigen zoals HLA-getypeerd trombocytenconcentraat en HLA-geselecteerde stamcellen ten behoeve van stamceltransplantatie. 

  • Welke bloedgroepen komen het meeste voor?

    Binnen de Nederlandse bevolking zien we vooral de bloedgroepen O (47%) en A (42%). De bloedgroepen die beduidend minder voorkomen zijn B (8%) en AB (3%). Daarnaast is 84% rhesus (D)-positief en 16% rhesus (D)-negatief. Veel donors en patiënten zijn dus A+ of O+, terwijl B- en AB- juist weinig voorkomen.

  • Wat gebeurt er als de bloedgroep van donor en patiënt verschillen?

    Als de bloedgroepen van donor en ontvanger niet passend zijn, reageren antistoffen tegen de bloedgroepantigenen en dit leidt tot hemolyse, oftewel afbraak van de rode cellen. Dit heeft ernstige gevolgen voor de patiënt.

  • Welke bloedgroepen passen bij elkaar?

    Voor het ABO-bloedgroepsysteem gelden de volgende principes:

    •Bloed van bloedgroep O kan aan iedereen worden toegediend. 
    •Bloedgroep A kan worden toegediend aan patiënten met A en AB. 
    •Bloedgroep B kan worden toegediend aan patiënten met B en AB. 
    •AB kan alleen worden toegediend aan mensen die zelf ook AB hebben. 

    Voor het rhesus-bloedgroepsysteem gelden de volgende principes:

    •RhD-negatief bloed kan aan iedereen worden toegediend.
    •RhD-positief bloed kan alleen worden toegediend aan mensen die zelf RhD-positief zijn.  

    Bovenstaande regels gelden voor bloed, niet voor bloedplasma. Als een patiënt door eerdere bloedtransfusies of een zwangerschap een antistof tegen een bepaalde bloedgroep heeft ontwikkeld, dan moet naast de bovengenoemde ABO- en rhesus-bloedgroepen ook met andere bloedgroepen rekening worden gehouden.

    Vrouwen

    Daarnaast zijn er voor vrouwen jonger dan 45 jaar extra voorwaarden bij de selectie van donorbloed. Naast de ABO- en RhD-bloedgroep wordt er dan ook gekeken naar de bloedgroepen Rhc, RhE (van het rhesus-systeem) en naar de bloedgroep K (van het Kell-systeem). Voor vrouwen met een kinderwens is het belangrijk dat zij door een bloedtransfusie niet worden gesensibiliseerd  door delen van het donorbloed, zoals bijvoorbeeld het K-antigeen van het Kell-systeem. Wanneer dit wel gebeurt, maken zij antistoffen aan die later problemen kunnen geven bij een nieuwe bloedtransfusie of bij een pasgeboren baby.

  • Kan ik direct naar huis als ik bloed heb gegeven?

    Ons advies is om na het geven van bloed nog even plaats te nemen aan de koffietafel en iets te eten of te drinken. Je kunt de afnamelocatie verlaten wanneer je je goed voelt.

  • Waarom is het goed om water te drinken voordat je bloed geeft?

    Door water te drinken rekt de maagwand uit. Dit geeft een signaal aan het zenuwstelsel. Hierdoor blijft de bloeddruk beter op peil. Daardoor voorkom je flauwvallen. Ook een liggende houding bij de afname zorgt voor een stabiele bloeddruk.

  • Waarom gaat bij mij de bloedafname trager dan bij de meeste anderen?

    Het kan zijn dat je bloedvaten dun zijn. Dat komt door aanleg of als je koude handen hebt. De trage snelheid heeft niets te maken met een slechte bloedsomloop, met dun of dik bloed of met je gezondheid. Als de afname langzaam gaat krijg je een knijpkussentje. Door het knijpen met je hand gebruik je de armspieren als een soort pomp om het bloed sneller rond te pompen. Daardoor wordt de stroomsnelheid groter.

  • Hoe is Sanquin ontstaan?

    Sanquin is in 1998 ontstaan uit een fusie van de Nederlandse bloedbanken en het Centraal Laboratorium van de Bloedtransfusiedienst van het Nederlandse Rode Kruis (CLB). Op grond van de Wet inzake bloedvoorziening is Sanquin als enige organisatie in Nederland aangewezen om zorg te dragen voor de behoefte aan bloedproducten.