Geven en nemen: Oratie Mariet Feltkamp
Op maandag 30 maart 2026 houdt Mariet Feltkamp haar oratie ‘Geven en nemen’ in het Academiegebouw in Leiden.
Feltkamp is hoogleraar Medische Microbiologie namens de Stichting Sanquin Bloedvoorziening. Ze werkt ook als klinisch viroloog bij het LUMC, waar ze onderzoek doet naar virusinfecties bij transplantaties. Sinds drie jaar combineert ze dit met haar werk bij Sanquin, waar ze zich richt op bloedoverdraagbare infecties. De rode draad: het voorkomen van virusinfecties die worden overgedragen met transfusies en orgaantransplantaties.
Doneren en ontvangen
De titel van haar oratie verwijst volgens Feltkamp naar de wisselwerking tussen donor en ontvanger. “Aan de ene kant geven mensen bloed of een orgaan, aan de andere kant moeten we ervoor zorgen dat wat iemand ontvangt veilig en passend is.” Bij Sanquin adviseert ze daarom over donorselectie en -screening om bloedoverdraagbare infecties te voorkomen.
Voor zowel transfusies van bloedproducten als orgaantransplantaties zijn ‘de grote drie’ de belangrijkste virusinfecties waarop gescreend wordt: HIV, hepatitis B en hepatitis C. Daarnaast zijn er virussen waar mensen weinig of niets van merken, maar die wel gevaarlijk kunnen zijn voor patiënten met een verzwakte afweer. Dat geldt bijvoorbeeld voor kankerpatiënten die donorbloed krijgen, en voor mensen die na orgaantransplantatie zware afweeronderdrukkers gebruiken.
“Voor sommige kwetsbare patiënten selecteren we bijvoorbeeld bloedproducten die geen parvovirus mogen bevatten”, vertelt Feltkamp. Dat virus veroorzaakt bij kinderen de vijfde ziekte. “Iemand die besmet is, kan wel tot een biljoen virusdeeltjes per milliliter bloed hebben.” Bij orgaantransplantaties heeft elk orgaan zijn eigen probleem. Zo is het BK-virus vooral een probleem bij niertransplantaties. “De meeste mensen dragen dit virus al bij zich. Door afweeronderdrukkende medicijnen steekt het de kop op in de donornier en kan deze verwoesten. Dan ben je als transplantatiepatiënt weer terug bij af”
Het TTV-virus is daarentegen relatief onschuldig. Ook na transplantatie word je er niet ziek van. “We willen het inzetten als indicator voor de afweer bij transplantatiepatiënten. Weinig virusdeeltjes kan betekenen dat de afweer sterker onderdrukt moet worden om afstoting te voorkomen. Bij veel deeltjes kan de medicatie juist omlaag, zodat mensen minder kwetsbaar zijn voor infecties. ”
Klimaatverandering
Door opwarming van de aarde komen virusziekten die eerder geen probleem waren dichterbij. Het muggenseizoen wordt langer en muggensoorten die hier vroeger niet voorkwamen, zoals de tijgermug, zullen binnenkort ook in Nederland rondzoemen. Feltkamp: “We houden drie virusziekten nauwlettend in de gaten: westnijlkoorts, dengue en chikungunya. Deze ziekten komen al in Europa voor en duiken soms ook op in Nederland. Zo kunnen vakantiegangers dengue en chikungunya meenemen uit Zuid-Europa, en zien we het westnijlvirus af en toe in ons land opduiken bij paarden en mensen..”
Zodra bekend is dat zo’n bloedoverdraagbare virusinfectie in een bepaald gebied heerst, laat Sanquin donors de eerste vier weken na thuiskomst van vakantie niet doneren. Gaat het om een groot gebied, bijvoorbeeld westnijlvirus in Italië waar veel donors op vakantie gaan, dan gaat Sanquin donaties van die groep actief screenen, om niet te veel donaties te missen. Als een virus in Nederland op een bepaalde locatie is opgedoken, is het ook mogelijk om alle donaties uit dat deel van het land te screenen.
Eerder testen
Niet iedereen wordt ziek van het westnijlvirus. Iemand kan besmet zijn zonder klachten en intussen doneren. Als dat bloed naar een kwetsbare ontvanger gaat loopt die risico op het krijgen van een ernstige hersenontsteking. “Dat willen uiteraard vermijden” zegt Feltkamp “en daarom is het belangrijk dat we weten wanneer en waar precies het westnijlvirus circuleert, ook in Nederland. Gegevens uit het veld, zoals besmettingen bij Nederlandse muggen, vogels en paarden helpen daarbij, maar komen vaak te laat. Dat wil zeggen, als het muggenseizoen alweer over zijn hoogtepunt heen is, en het grootste risico lijkt geweken. Eigenlijk zouden we zelf een vinger aan de pols moeten houden door in augustus en september steekproefsgewijs westnijlvirus in geselecteerde donaties te meten. We kunnen dan veel sneller inspelen op potentieel gevaar, en de donorscreening erop aanpassen.”
Samenwerken
Feltkamp werkt nu drie jaar bij Sanquin, waar ze Hans Zaaijer heeft opgevolgd. “Sanquin is een fascinerende, complexe organisatie met veel producten, stappen en processen. In mijn carrière als klinisch viroloog stonden die behoorlijk ver van mij af. Gelukkig krijg ik veel steun van mijn directe collega’s en leer ik langzamerhand door de bomen het bos zien. Zonder hen zou ik dit werk nooit voor vijftig procent bij Sanquin kunnen doen.”
De oratie van Mariet Feltkamp ‘Geven en nemen’ is op maandag 30 maart live te volgen om 16:00 uur via de livestream op de website van de Universiteit Leiden.



