Sanquin Home Sanquin Home Sanquin
Terug naar Bloedgroepen

In 1940 ontdekten Landsteiner en Wiener dat antistoffen van konijnen, geproduceerd tegen erytrocyten van de aap Macaca rhesus, ook reageerden met de erytrocyten van 84 procent van de mensen. Deze mensen werden sindsdien rhesus-positief genoemd, terwijl de 16 procent van wie de erytrocyten niet reageerden met rhesus-negatief werden aangeduid. Later bleek de door deze antistoffen herkende factor deel uit te maken van een veel uitgebreider bloedgroepsysteem, nog steeds het rhesussysteem genoemd en aangeduid met de letters C, c, E, e en D. Degenen die rhesus-positief zijn, dragen het D-antigeen op hun erytrocyten, de rhesus-negatieven niet. Derhalve komt rhesus-positief overeen met D-positief, rhesus-negatief met D-negatief.

Preventie rhesus (D) immunisatie

Prenatale typering van de Rhesus- en Kell-antigenen; huidige en toekomstige mogelijkheden

Het D-antigeen is van belang omdat, in tegenstelling tot wat voor andere bloedgroepen geldt, D-positieve erytrocyten in het bloed van D-negatieve personen in een hoog percentage de vorming van antistoffen induceren. Bij een volgende transfusie – en ook voor een pasgeborene gaat dit op – kunnen deze antistoffen vérstrekkende gevolgen hebben. Daarom wordt bij een bloedtransfusie rekening gehouden met de AB0-bloedgroep én de D-bloedgroep: D-positief bloed wordt niet aan een D-negatieve patiënt gegeven. De andere factoren van het rhesussysteem roepen minder vaak antistoffen op, als regel hoeft hiermee bij bloedtransfusie geen rekening te worden gehouden.

Rhesus Iso-immunisation: http://www.drugbase.co.za/data/med_info/rhesus.htm


« terug