Sanquin Home Sanquin Home Sanquin
Terug naar Bloed en kanker

Bij leukemieën van verschillende patiënten kunnen dezelfde chromosomale afwijkingen voorkomen. Mogelijk is er dus een verband tussen het optreden van specifieke genetische veranderingen en het ontstaan van leukemie. Deze chromosoomafwijkingen hebben de weg gewezen naar oncogenen, die als regelgnen een rol hebben bij het normale proces van celdeling en uitrijping en als gevolg van de chromosoomafwijking ontregeld worden in hun normale functie. De laatste jaren is daar veel onderzoek naar gedaan. Afwijkingen in zogenoemde proto-oncogenen kunnen tot het ontstaan van kanker leiden wanneer de expressie ervan, het genproduct, kwalitatief of kwantitatief is veranderd. Veel proto-oncogenen spelen een cruciale rol bij de normale regulatie van groei en rijping van cellen.

Translocaties
kunnen aanleiding geven tot de ontregeling van cellen. Het schema maakt duidelijk welke translocatie een rol speelt bij Burkitt's lymfoom. Proto-oncogen c-myc komt onder invloed van regelgenen die in plasmacellen de productie van antilichamen activeren. Door onderlinge uitwisseling van genetisch materiaal tussen chromosomen (translocatie) kunnen twee genen die afkomstig zijn van verschillende chromosomen vlak naast elkaar op één chromosoom terechtkomen. Dit kan allerlei gevolgen hebben. De twee genen kunnen samen coderen voor een nieuw eiwit, een fusie-eiwit, dat is samengesteld uit delen van beide oorspronkelijke genproducten. Het bekendste voorbeeld van een dergelijke chromosomale afwijking is het Philadelphia-chromosoom (aangeduid met Ph1), dat bij vrijwel alle patiënten met een CML voorkomt. Het fusie-eiwit dat het gevolg is van deze translocatie blijkt een rol van betekenis te spelen bij het ontstaan van CML.

Show details for Chromosoom-translocatiesChromosoom-translocaties
Show details for Karyogram van een volledige menselijke chromosomensetKaryogram van een volledige menselijke chromosomenset
Show details for Translocaties van proto-oncogenen bij kanker:Translocaties van proto-oncogenen bij kanker:

Met behulp van recombinant-DNA-technieken heeft men dit fusie-eiwit tot expressie gebracht in normale stamcellen van de muis, hetgeen inderdaad een CML-achtig ziektebeeld veroorzaakte. Een ander recent ontdekt voorbeeld van een fusie-eiwit is de veranderde vitamine A-receptor bij een zeldzaam type AML.

Expo 15: Vitamine-A-therapie bij leukemie

Een translocatie kan ook tot gevolg hebben dat er een oncogen wordt geactiveerd. Hierdoor neemt de expressie toe van het eiwit waarvoor dit oncogen codeert. Zoals al werd gesteld, kunnen veranderingen in oncogenen tot kanker leiden, maar in zo'n geval is er altijd meer dan één oncogen in het spel. Dergelijke genetische veranderingen zijn zowel bij lymfatische als myeloïde leukemieën gekarakteriseerd. Het bij lymfatische leukemieën betrokken gen codeert meestal voor een antigeen-receptor. Deze genen worden tijdens de ontwikkeling van de lymfatische cellen opnieuw gerangschikt. Door fouten tijdens dit normale proces van herschikking kan er een chromosoomtranslocatie ontstaan.

Puntmutaties
Oncogenen kunnen ook betrokken zijn bij veel subtielere genetische veranderingen, soms in de vorm van de wijziging van slechts één enkele base in een gen (een puntmutatie geheten). Met de recente, geavanceerde moleculair-biologische technieken is men in staat geweest bij leukemiepatiënten inderdaad dergelijke mutaties in sommige oncogenen aan te tonen.


« terug