Welke bloedgroepen passen bij elkaar?

Voor het ABO-bloedgroepsysteem gelden de volgende principes. Bloed van bloedgroep O kan aan iedereen worden toegediend. A kan gegeven worden aan patiĆ«nten met A en AB. B kan naar B en AB. AB kan alleen worden toegediend aan mensen die zelf ook AB hebben. Voor het Rhesus-systeem geldt dat RhD-negatief bloed aan iedereen kan worden gegeven, RhD-positief bloed alleen aan mensen met die zelf RhD-positief zijn. 

Bovenstaande regels gelden voor bloed, niet voor bloedplasma. Als een patiĆ«nt door eerdere bloedtransfusies of een zwangerschap een antistof tegen een bepaalde bloedgroep heeft ontwikkeld, dan moet naast de bovengenoemde ABO en Rhesus bloedgroepen ook met andere bloedgroepen rekening worden gehouden.

Daarnaast zijn er voor vrouwen jonger dan 45 jaar extra voorwaarden bij de selectie van donorbloed, naast de ABO en RhD bloedgroep wordt er dan ook gekeken naar de bloedgroepen Rhc, RhE (van het Rhesus-systeem) en naar de bloedgroep K (van het Kell systeem).